Kritiek op speelkalender veel te voorbarig

Column Jan Dirk van der Zee, directeur amateurvoetbal:
In mijn pupillentijd was er geen sprake van code rood, oranje of geel. Je had Jan Pelleboer, Hans de Jong (uit Gorredijk) en het telefonisch weerbericht 003 van het KNMI. Als je echt wilde weten of de omstandigheden te beroerd waren om te voetballen, belde je moeder naar de kantine. Aan het knikken van haar hoofd kon ik zien of de wedstrijd uit de competitie werd gehaald. Haar uitleg hoor ik nog: ‘Jongen, de velden zijn onbespeelbaar, het weer is te slecht, als je wilt kun je naar de kantine gaan om een spelletje te doen en ik ben blij dat het niet doorgaat, je zou maar ziek worden of door de bliksem getroffen’. Zo probeerde ze te laten voelen, dat het zelfs gevaarlijk was om met rotweer te gaan voetballen.

Afgelast. Nog steeds als ik het woord lees, voel ik de frustratie van vroeger. Daarom kan ik mij zo goed vinden in het berichtje dat ik van een moeder kreeg, waarin ze vertelt dat haar zoon al 7 weken lang niet heeft gevoetbald. Of de KNVB daar niet iets aan kan doen. Bijvoorbeeld door de nieuwe speeldagenkalender terug te draaien?

Dit seizoen zijn we de competitie voor het eerst gestart vanaf het moment dat alle vakanties in Nederland waren afgelopen (23 september 2017) en spelen we in de lente langer door (27 mei 2018). In de voorgaande jaren kregen we namelijk steeds meer verzoeken van spelers (en clubs) om later te beginnen. Daarbovenop klonk de wens om in de maanden dat de zon langer schijnt lekker door te kunnen spelen. Met dat idee werd twee jaar geleden het besluit genomen (bond en 1.200 clubvertegenwoordigers) om een nieuwe speeldagenkalender in te voeren.

Een monnikenwerk, waarbij KNVB-competitieleiders 32 wedstrijden moesten zien te plannen in 16 weken waarop geen vakanties, feestdagen of een overlap zou ontstaan voor wedstrijden van gemengde sportverenigingen. In nauw overleg met de clubs zijn we uiteindelijk op een kalender uitgekomen, waar iedereen enthousiast van werd en niemand van kon voorzien, dat we tegen weersomstandigheden zouden aanlopen, die we zelfs een beetje ontwend zijn. Ik heb het in tijden niet zo koud gehad, gevoelstemperaturen onder de min 17 graden Celsius en windkracht 7 tot 8. Het gevolg was, dat we na de winterstop veel wedstrijden uit de competitie hebben gehaald, die nu op woensdagavonden, of in de meivakantie dienen te worden ingehaald.

Verre van ideaal, zoveel is duidelijk, maar het is veel te voorbarig om nu al te roepen dat we terug moeten naar de oude speelkalender. Het dubbelprogramma met Pasen, waar veel clubs van af wilden, kunnen we overwegen opnieuw in te voeren, omdat we zo sneller wedstrijden kunnen inhalen. Voor de rest zou ik het vertrouwen hebben, dat onze competitieleiders de nieuwe kalender met de clubs zullen optimaliseren, want laten we eerlijk zijn: het weer zat niet mee. In de terminologie van Jan Pelleboer: ’t kan vriezen ‘t kan dooien.

Jan Dirk van der Zee

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.